In de zomer van 2024 zijn we begonnen met de rubriek 'Het Tuinschepje
Hieronder de afleveringen vanaf de eerste.
Het tuinschepje
Dit artikel is het eerste van een serie waarin Groei&Bloei leden iets vertellen over hun tuin of favoriete plant. Uit de enquête die wij onlangs onder onze leden hebben gehouden, bleek hier behoefte aan te bestaan.
Ja, dat begon heel lang geleden. Waar ik woonde, stond een witte roos bij de buren. Die roos bloeit daar maar, dacht ik als kind. En de bijen of hommels genieten ervan. Ik ontdekte dat die witte roos een heel aparte geur had. Sindsdien steek in mijn neus graag in uitnodigende rozen. Soms werd ik teleurgesteld: een prachtig gekleurde roos, maar.. geen geur.
Toen ik later een eigen tuin had, heb ik vooral rozen geplant die er niet alleen mooi uit zagen, maar ook lekker geurden. De geur kan nogal verschillen, ook gedurende de dag. Sommige zijn aromatisch, andere heel licht, maar wel duidelijk aanwezig. Een voorbeeld van zo’n aromatische roos
is Benjamin Britten, een Engelse roos met vrij sterke kleuren en een heel zoete geur.
‘Brise parfum’ heeft een klein bloemetje dat lichtroze is, maar heel duidelijk geurt. Bovendien is de plant ook nog eens sterk. Die heesterroos kan zelfs klimroos worden. In de tachtiger jaren was eigenlijk alleen David Austin de kweker die rozen op de markt bracht die ‘nostalgische’ bloemen (gekwartierde bloemen dus) combineerden met geur. Vandaar dat ik in die tijd veel David Austin rozen heb gekocht. Die waren niet allemaal even goed bestand tegen de rozenziekte ‘Black spot’ (zwarte vlekken). Tegenwoordig wordt er overigens veel meer dan vroeger op geselecteerd dat een roos bestand is tegen black spot of meeldauw. Bovendien heb ik met schade en schande geleerd dat in mijn tuin draden van de honingzwam liepen. Dat bleek bijvoorbeeld toen de klimroos ‘Pink Cloud’ die tegen de zuidgevel groeide, plotseling verwelkte. Zo ben ik ook een prachtige ‘Bobby James’ (witte klimroos, kleine trosjes, geur) kwijtgeraakt… Wat te doen? Ik dacht: als de honingzwam van het ene slachtoffer naar het andere gaat door de grond, via myceliumdraden, dan kan ik misschien de honingzwam tegenhouden door de rozen in plastic containers te laten groeien. Alternatief zou zijn een of ander vergif te gebruiken en daar had ik geen zin in.
Aldus geschiedde en je kunt, als je goed kijkt in de tuin, de randen van de containers soms nog zien.
Black Spot
Wat te doen tegen black spot? Met 80 rozen in je tuin kun je niet verwachten dat het goed gaat zonder af en toe te spuiten.. Maar je kunt natuurlijk niet aan het spuiten blijven met Rosacur, een middel dat door de plant wordt opgenomen. Zo’n systemisch fungicide is niet plezierig, maar de hoeveelheid kun je beperken en aan de andere kant kun je kiezen voor (meer) resistente rozenvariëteiten. Tegenwoordig koop ik vaak rozen van Kordes of Tantau of van De Bierkreek. Op de websites kun je zien hoe ze scoren op verschillende kenmerken, waaronder ziekteresistentie. Dat helpt enorm bij de keuze. Want er zijn ontzettend veel variëteiten: theerozen, floribunda’s (trosrozen), heesterrozen en klimrozen.
Eigen kweek
Ik vind het ook leuk om rozenzaailingen die je af en toe vindt, op te kweken. Zo heb ik een klimroos die eenmalige bloeit, met witte trosjes en heerlijke geur, en weinig doornen heeft. Die is Catharina genoemd. Ik heb ook nog andere witte klimrozen ‘gevonden’ die op een witte ‘Veilchenblau’ lijken of een rode stam combineren met dubbele witte bloemen. Leuk om weg te geven, want als je ze stekt in juli dan lukt het meestal wel om nieuwe planten te krijgen. Dat lukt ook heel goed bij ‘Alibaba’ en bij ‘Brise parfum’ om een paar variëteiten te noemen. Op Youtube zie je hoe je het moet doen. Maar je mag de stekken niet verkopen, alleen zelf gebruiken!
Bert geeft het tuinschepje door aan Carla Ruigrok die ons in de volgende Nieuwsbrief gaat vertellen over haar wadi.
Tja een Wadi, er zijn zovele variëteiten. Een aantal gemeentes heeft ze langs de berm. Eromheen zijn ze dan begroeid met gras, grote en kleine, heel functioneel.
Wadi is Arabisch voor 'woestijnrivier'. In het Nederlands is het de afkorting van Water Afvoer Door Infiltratie.
Natuurlijk tuinieren is het motto bij Groei & Bloei en ook bij mij. Na twee kurkdroge zomers besloot ik het regenwater uit de dakgoten, dat nutteloos in het riool stroomde, beter kon gaan gebruiken voor de planten in de tuin. Natuurlijk, ik ving al wel regenwater op in de regentonnen, maar het kon nog makkelijker.
Een deel van de tuin waarop we uitkijken vanaf een terras moest gerenoveerd worden. Ik wilde niet weer een border met mooie vaste planten (hoe leuk ook), het moest dynamisch zijn. Ik besloot daar een ‘wadi’ aan te leggen. (Een wadi is een lager gelegen stukje grond in de tuin waar je regenwater in verzamelt en dat dan langzaam weer weg sijpelt in de directe omgeving). We groeven een langwerpige, best diepe kuil en stortten daarin in een zak van geo-vliesdoek ca 1 kuub grof grind om om het water makkelijk te laten wegzakken. Daarna vulden we de kuil weer op; we maakten een mooie geul waar het water in zou blijven staan; de zijkanten hoogden we op met goede tuinaarde voor de oeverbeplanting. Wij integreerden gelijk onzichtbaar 2 afvoeren van een
schuurdak, een dak van 2 x 7,5 m, in de grond. Bij harde plensbuien kan het water in de wadi tot 40 cm hoog staan, na 2 dagen droog weer is het water (normaliter) weer in de grond opgenomen. Wij hebben daar zandgrond. Echter, wij hebben het zodanig gemaakt dat er meestal een laagje water in blijft staan, leuk voor de padden en de vogels. Rondom de wadi hebben wij diverse planten staan die van nat en droogte houden. We hebben ze in grind gezet. Het heeft een natuurlijke uitstraling, is makkelijk in onderhoud en grind spoelt niet makkelijk weg. Er is best veel keus in planten die van nat en droogte houden, de zgn klimaatbestendige planten en in ons geval moeten ze ook van kalk houden, vanwege het grind. Ik koos voor: grote kattestaart (Lythrum salicaria), kruipend zenegroen (Ajuga reptans), ijzerhard (Verbena bonariensis) aan de rand zonneroosje ‘The Bride’. Enkele grassen ertussen, waaronder Japans bloedgras ‘Red Baron’ en een Fargesia, een niet woekerende bamboe. Het grind tussen de planten is Flachkorn, plat grind. Voordeel van grind: geen slakken...
Carla geeft het tuinschepje door aan Frans Boelé
Wat is een streepjestuin? Een flat op een tekening is één streep. De grond eromheen is ook één streep, evenals de haag. Een streepjestuin is dus de eerste 50 cm rondom de flat.
Ik herinner me nog goed de voortuinkeuringen waar ik bij betrokken was in de jaren 80/90. Twee à driemaal per jaar je mening noteren over een tuin die niet jouw tuin was. Dat was voor het broodnodige aanzien van Haarlem/Heemstede (zelf kwam ik uit Hillegom). We zullen niet weten hoe mijn tuin nu beoordeeld zou worden door de heer Knol, destijds de expert. Hoeft ook niet, ook nu niet. Het is MIJN tuin. (eigenlijk van de Vereniging van Eigenaren).
Ik heb een ‘streepjestuin’. Streepjestuinen waren er destijds wel maar werden niet gekeurd. Elke dag is het OPEN TUIN (niet allemaal tegelijk komen hoor!). Ik geniet elke dag: door het jaar heen is er steeds wat anders te zien! Ik kan nu wel het assortiment gaan noemen, maar ik vergeet de namen langzamerhand. Als tachtiger doe ik het er maar mee.
De gekste plantjes en bolletjes redden het, maar het gaat niet vanzelf. Het onkruid durft er niet meer te komen. Alles wat te hard groeit, gaat naar Jaap. Wat staat er nu in mijn tuin? Dat zijn onder anderen Cyclamen hederifolium, Sauromatum venisum en sedums. De Colchicums en de Acis komen nog en ook de rest volgt.
Frans geeft het tuinschepje door aan Clothilde van Poll
Ik heb altijd van oranje bloemen gehouden, Ook toen het nog niet van goede smaak getuigde. Dat werd mijn uitdaging voor onze tuin 35 jaar geleden toen we hier kwamen wonen. Veel roze bloeiende planten hebben plaats moeten maken voor planten die wel combineerden met de kleur van afrikaantjes (Tagetes ‘Kees Orange’ heb ik nog steeds niet geprobeerd, misschien dit jaar). In die tijd waren de pastelkleuren favoriet. Wij hebben vanuit huis wat verder weg uitzicht op onze grootste border, een steeds veranderend bloemen-schilderij, Ik ging op zoek naar planten met de kleuren zalm, papaja, terra, mahonie, mandarijn, abrikoos, flamingo en koraal, kleuren waar oranje in zit. Langzaam veranderde de border en ieder jaar kreeg ik er steeds meer plezier in om hem nog harder te laten knallen met alle kleuren, behalve zacht roze (hoe mooi en verleidelijk in andermans tuin !). De laatste paar jaren in september heb ik het zelfs aangedurfd met knalgeel. Oranje in combinatie met andere kleuren maakt de border levendig en vrolijk.
Oranje planten: tulpen, primula’s, geum, helenium, crocosmia, phygelius, lelies, rozen, rudbeckia’s, dahlia’s en chrysanten.
Eenjarigen: cosmea, tithonia, begonia, oost-indische kers, leonotis, goudsbloem,
Sphaeralcea’Childerley’ en natuurlijk de afrikaantjes!
Grootste favoriet met de mooiste kleur, eindeloos bloeiend: Erysimum ‘Orange Twist’
Clothilde geeft het tuinschepje door aan Karin van Hoof.
Ik hield al van vlinders voordat ik een tuin had, dus dat ik de tuin met vlinders ging delen was voor mij een gegeven. Verder is mijn tuinvirus aangestoken door zowel mijn vader, die van moestuinieren en fruitbomen hield, als zijn moeder (mijn oma), die vooral van ‘wild’ hield en een verzamelaar van stekjes was. Ik heb het geluk van een zeer langgerekte tuin, waarbij we wat ‘landschap’ kunnen lenen, door bomen van de buren. De vorige eigenaresse hield ook van haar tuin, daaraan danken we onder andere de enorme Camelia. (Foto's Karin van Hoof)
Vlinderplanten favorieten
Vuilboom, met eindeloos veel bloei en waardplant voor Citroenvlinder en boomblauwtje.
Wilde marjolein, die mag zich overal uitzaaien en is nog lekker ook.
Clematis armandii “Apple blossom”, is groenblijvend en bloeit vroeg voor de eerste vlinders (zie foto linksboven met een dagpauwoog)
Peer, omdat met name de atalanta graag mee komt genieten van de peren die door de vogels zijn aangepikt.
Eetbare planten favorieten
Japanse wijnbes, echt heel lekker, niet in de winkel te koop en nog decoratief ook (dan neem ik de rottige stekels voor lief). Mijn tuin staat vol nakomelingen van de vorige eigenaresse.
Appel, de soort Alkmene, die vind ik gewoon erg lekker en op een of andere manier is appelbloesem gewoon prachtig, elk jaar weer een feest!
Bosbes, lekker en super gezond en heb je de herfstkleur gezien?!
Caramelbes, of ‘Grootmoeders oorbellen’ zoals ik het kreeg als een stekje van Mariëtte. Deze wordt als decoratieve plant verkocht. Terecht want de bloei gaat lang door en is erg mooi met de schutbladeren. De bessen zijn eetbaar en smaken dus naar caramel.
Uitzaaiingen favorieten
Akelei, de wilde stond er al, zelf de Alpen vorm ingemengd, bloeit lekker vroeg en in allerlei verschillende kleuren
Vingerhoedkruid, ook dat stond er al en mag zich vrolijk blijven verplaatsen
Kattenstaart, lekker knalkleur en komt wat later in bloei, ook een waardplant
Helleborus of nieskruid, ik heb diverse mooie soorten en dan krijg je met de zaailingen weer nieuwe verrassingen, heel fijne vroege bloeier.
Mariëtte Klay heeft wat moderne inbreng gehad op de structuur met het lange pad, verhoogde bakken en stoere pergola’s. Binnen die structuur ga ik dus los met, je raad het al, vlinderplanten; eetbare planten (die ook nog mooi zijn) en verwildering. Ik ben een verzamelaar en laat me tegelijk ook verrassen door wat de wind of de vogels me brengen en wat zich spontaan uitzaait binnen mijn eigen tuin.
Zo is de tuin elk jaar anders!
Karin geeft het tuinschepje door aan Tjaaktje de Jonge
Onze tuin is een liefhebberstuin, het is onze sportschool, onze ontspanning, volière en voor al een speelplek. De tuin is omringd door sloten, waterbehoefte of -overschot is er niet. Er zijn veel zon- en schaduwplekken, veel verstopplekken voor vogels, vlinders, insecten, een enkele egel en eend. Waar eerst het gras en de brandnetels hoogtij vierden en kleine zaailingen uitgroeiden tot heuse bomen, begonnen we ongeveer 20 jaar geleden beetje bij beetje meer structuur aan te brengen, het gras vaker te maaien en borders te maken.
We doen ons best milieuvriendelijk te leven en de tuinplannen worden veelal met hergebruikt materiaal uitgevoerd in de klassieke rolverdeling: mijn man maait, knot, snoeit, bouwt, ik wied, poot, zaai en verzamel planten. Ik houd van het verzamelen van plantjes en zaden. Een aantal jaren heb ik herfstasters gezocht en verzameld om die ene te vinden die vroeger bij mijn ouders in de tuin stond. Later leefde ik me uit met het zoeken naar phloxen, speciale pelargoniums, hemerocallis, aeoniums…Niet dat ik nu houder van plantcollecties ben, ik onthoud ook meestal alleen de soortnaam.
Het is een liefhebberij om een leuke plant te bemachtigen die ik in een tuin, op een beurs of tuinenreis heb gespot. Op internet zoek ik dan bij welke kweker hij te vinden is: Francoa bij de Hessenhof, Dierama bij het Jagertjeshof, Spigelia bij de Willows....
Voordat de planten een plekje in de border krijgen laat ik ze eerst wat groeien in een grote pot. Dan zijn ze verplaatsbaar en kan ik ze ook beter een beschut plekje geven in de eerste winter.
Toen ik in 2001 het ‘Groei & Bloei’stokje van mijn moeder overnam had ik niet gedacht dat het tuinvirus me zo te pakken zou krijgen, ik geniet nu net zo veel van mijn tuin als zij deed. Ik heb weer veel plannen en zin in het komende tuinseizoen, de bollen en zaden liggen weer klaar.
Tjaaktje geeft het tuinschepje door aan Hélène Cornet