Zuid-Kennemerland

Dagtocht Betuwe, 7 september 2019.

Wat hebben we geboft dat de regenbuitjes precies vielen terwijl we in de bus zaten! De chauffeur was kennelijk bang dat we ons zouden vervelen, want we werden gebombardeerd met wetenswaardigheden over alles wat we onderweg passeerden, soms interessant, maar wel een beetje te veel van het goede. De Betuwe lag er prachtig bij met overal boomgaarden vol appels, peren en pruimen. De dorpjes waar we langs kwamen zagen er ook heel aantrekkelijk uit. En wat deed alles het goed op die vette, vruchtbare rivierklei. 

We begonnen bij Geerte’s tuin in Kesteren. De tuin was pas zeven jaar geleden aangelegd door Geerte, een vrij jonge vrouw, met heel veel oog voor detail. Alles zag er even mooi en verzorgd uit. Het eerste wat we zagen was een kleurige moes- en kruidentuin in een mooi ontwerp. Rondom een appelboom in het centrum was een cirkel van Chinese bieslook geplant en daaromheen stond weer een rand lavendel. Tegen de muren van het huis en de schuren stonden prachtige klimrozen en er stonden overal tafels met mooie combinaties van planten in potten, telkens weer anders. Dwalend door de 8000 m2 grote tuin kwamen we prachtig samengestelde, kleurige borders tegen met veel bijzondere planten zoals een witte Cosmos cupcake, een lichtoranje Sphaeralcea en een witte Vitex. Er stonden ook veel Angelica’s in de tuin en natuurlijk de eenjarige ‘Kiss me over the Garden gate’.

Lunch en Nieuw Robbenkampen.

Voor de lunch gingen we naar Huis ten Halve, tussen Kesteren en Lienden. Het huis, een voormalige koetsenwisselplaats waar ook leden van ‘Vrienden op de fiets’ terecht kunnen, was prachtig. De tuin, aangesloten bij de tuinenstichting, werd niet meer bijgehouden nu de eigenaresse er sinds een jaar alleen voor stond en ook nog een baan had. Op het enorme terrein met meanderende grasvelden kwamen we heel veel fruitbomen tegen en ook een natuurlijke zwemvijver. We lunchten gezellig in de mooie grote woonkamer van de voormalige boerderij uit 1849.

Landschapstuin Robbenkampen in Dreumel was één groot feest. Meerdere mensen vertelden me hoe blij ze van deze tuin werden, en dat gold ook voor mezelf. Na de thee/koffie in mooie gebloemde kopjes kregen we een korte uiteenzetting van de eigenaar, Jan van Egmond, die dit paradijs in zeven jaar tijd heeft gecreëerd. Hij was gemeentelijk groenambtenaar en zette naast zijn werk een boomkwekerij op. Omdat hij zo van bijzondere bomen en heesters hield, besloot hij een deel van zijn kwekerij, 1,5 hectare, als landschapstuin in te richten. Jan ging zonder plan te werk. Waar hij met zijn tractor reed kwamen de graspaden, die allemaal rond lopen en elkaar vaak kruisen. Middenin het terrein is een enorme vijver en er zijn ook nog twee kleinere vijvers. Er staan 700 à 800 houtige gewassen in de tuin, met een onderbeplanting van grote groepen al dan niet vaste planten, prachtig gecombineerd. Hij doet het onderhoud helemaal zelf, wat een wonder is want alles ziet er even mooi en verzorgd uit. De grond is heel vruchtbaar. Het is stroomruggrond, een lichte klei die ontstaat als een rivier overspoelt. Er staan grappige houten beelden in de tuin. Jan leidde ons zelf rond, wat fijn was omdat we zoveel bomen en struiken zagen waarvan we de naam niet wisten. Zo zagen we een Anna Paulownaboom, een trompetboom, een bijenboom, een pindakaasboom, een bonte duivelswandelstok, een monnikenboom, een spiegeleiplant en nog veel meer. Jan had ook een stuk ingezaaid met akkerplanten, waar tot zijn verbazing ook koolplanten opkwamen. Er was ook een rondlopend perenlaantje. Langs de rijen perenbomen aan beide zijden van het graspad stonden aan twee kanten paarse salvia’s, wat een heel bijzonder effect gaf. Voor degenen die dit gemist hebben: de tuin is open op de derde zondag in juni, juli, augustus en september. 

De Achtertuin

Als laatste gingen we naar de Achtertuin in Rumpt. Ook dit was een tuin van 1,5 hectare, maar heel anders ingericht. De eigenaren waren 22 jaar geleden begonnen met een transformatie van grasland naar een tuin met heel verschillende onderdelen. Het ontwerp was indertijd gemaakt door een landschapsarchitect. We kregen een plattegrond mee om zelf rond te lopen. Begroet door ongelooflijk hard snaterende ganzen zagen we de cottagetuin, de boomgaard waar we zelf appels mochten plukken, de vlammende border, de rotstuin, de vakkentuin en diverse borders. Ook was er een weiland met mini Dexter koeien. Het mooist vond ik de grassenborder in de kleuren lila/paars, wit en geel. Na nog een kop thee/koffie met lekkere kruidkoek gingen we weer de bus in naar huis, al dan niet vergezeld van appels en plantjes uit de laatste tuin. Met dank aan Inge voor de organisatie van weer een prachtige dagtocht. 

Yvonne Hassing

foto's van Yvonne en Josine (zie ook het fotoalbum Betuwe 2019)