Zuid-Kennemerland

Zomerstekken van een hortensia

Vrijwel alle hortensiasoorten laten zich goed vermeerderen en de snelste methode is het nemen van een zomerstek. Begin het liefst ‘sochtends vroeg. Kies takken uit die dit jaar niet gebloeid hebben en die niet bruin en houtig zijn. Houd de tijd tussen het knippen van de takken en het stekken zo kort mogelijk. 
Knip van de takken stekken van ongeveer 10 centimeter met minimaal twee bladparen en knip de stek ongeveer 1 centimeter onder het onderste bladpaar, schuin af. Net onder de bladknoop/oog bevinden zich cellen die wortels kunnen vormen. Om verdamping te verkleinen verwijdert u de onderste bladeren van de stek en halveert u de bovenste bladeren. 
Vul de potjes met zaai- en stekgrond of een mengsel van gelijke delen kiftgrind of grof zand en potgrond. Steek de stekken met behulp van een stokje ongeveer 5 centimeter in de grond. U kunt de stekken eerst nog in stekpoeder dopen, maar dat is niet echt nodig. Zorg ervoor dat de stekken niet tegen de onderkant van de potten aan komen en de bladeren elkaar niet raken. Druk de grond rond de stek stevig aan. 
Geef de stekken water door ze in een teiltje water te zetten zodat de potjes zich kunnen volzuigen. 
Doe een plastic zakje over het potje en sluit deze af met een elastiekje langs de bovenrand van het potje. (Plaats stokjes of satéprikkers rond de stek, zodat het plastic de stek niet raakt.) Zet de potjes op een lichte plek. Niet in de volle zon!
Na drie, vier weken hebben de stekken wortels. Verwijder het elastiekje, maar haal het zakje nog niet meteen weg. Vouw het zakje open zodat er meer lucht bij kan komen. Uiteindelijk haalt u het plastic zakje weg. Vergeet niet de planten regelmatig water te geven. Zijn ze goed geworteld, dan de planten verpotten naar een grotere pot met potgrond. Het eerste jaar de stekken binnen laten overwinteren, in het voorjaar afharden en daarna een plaats in de tuin te geven.